Waar staat Ø voor?
Het teken Ø is een internationaal gebruikt technisch symbool voor diameter. In technische tekeningen, productspecificaties, normbladen en voorraadlijsten wordt het gebruikt om de diameter van ronde producten aan te geven.
- stalen buizen;
- constructiebuizen;
- funderingsbuizen;
- buispalen;
- casingbuizen;
- mantelbuizen;
- assen;
- boorgaten;
- flenzen.
Bij stalen buizen verwijst Ø vrijwel altijd naar de buitendiameter. Dit is de afstand tussen twee tegenover elkaar liggende punten aan de buitenzijde van de buis, gemeten door het middelpunt.
Een buis met de aanduiding Ø 508,0 x 7,90 mm heeft dus een nominale buitendiameter van 508,0 millimeter en een wanddikte van 7,90 millimeter.
Hoe lees je een buismaat?
Stalen buizen worden vrijwel altijd volgens dezelfde notatie weergegeven:
Ø buitendiameter x wanddikte
De eerste maat geeft de buitendiameter aan. De tweede maat geeft de wanddikte weer.
| Buismaat | Betekenis |
|---|---|
| Ø 168,3 x 6,3 mm | Buitendiameter 168,3 mm, wanddikte 6,3 mm |
| Ø 273,0 x 5,0 mm | Buitendiameter 273,0 mm, wanddikte 5,0 mm |
| Ø 508,0 x 7,9 mm | Buitendiameter 508,0 mm, wanddikte 7,9 mm |
| Ø 711,0 x 10,0 mm | Buitendiameter 711,0 mm, wanddikte 10,0 mm |
Deze schrijfwijze wordt gebruikt in technische documentatie, offertes, certificaten, bestekken, constructieberekeningen en voorraadlijsten.
De combinatie van buitendiameter en wanddikte bepaalt onder andere de binnendiameter, het gewicht per meter, de sterkte en de toepassingsmogelijkheden van een stalen buis.
Buitendiameter, binnendiameter en wanddikte
Bij iedere stalen buis spelen drie afmetingen een belangrijke rol:
- buitendiameter;
- binnendiameter;
- wanddikte.
De buitendiameter is de buitenmaat van de buis. De binnendiameter is de vrije opening aan de binnenzijde. De wanddikte is de afstand tussen de buiten- en binnenwand.
De binnendiameter wordt berekend met de formule:
Binnendiameter = buitendiameter − (2 x wanddikte)
Voorbeeld: een buis van Ø 508 x 8 mm heeft een buitendiameter van 508 mm.
508 − (2 x 8) = 492 mm
De binnendiameter bedraagt in dit voorbeeld 492 mm. Deze maat is vooral belangrijk voor toepassingen waarbij vloeistoffen, gassen, kabels of leidingen door de buis worden gevoerd.
Waarom wordt de buitendiameter als uitgangspunt gebruikt?
Binnen de staalindustrie vormt de buitendiameter de belangrijkste referentiemaat. Veel onderdelen worden namelijk afgestemd op de buitenzijde van de buis.
- flenzen;
- koppelingen;
- lasverbindingen;
- buisklemmen;
- buisbeugels;
- mantelbuisconstructies;
- paalkoppen;
- hijsvoorzieningen;
- boorapparatuur.
De buitendiameter blijft gelijk wanneer alleen de wanddikte verandert.
Een Ø 323,9 x 6,3 mm en een Ø 323,9 x 12,5 mm hebben dezelfde buitenmaat, maar verschillen aanzienlijk in binnendiameter, gewicht, buigstijfheid en constructieve eigenschappen.
Daarom zijn zowel de buitendiameter als de wanddikte noodzakelijk om een buis correct te specificeren.
Waarom is de diameter belangrijk?
De diameter heeft invloed op verschillende technische eigenschappen van een stalen buis.
- buigstijfheid;
- stabiliteit;
- doorbuiging;
- doorstromingscapaciteit;
- gewicht per meter;
- aansluitmogelijkheden;
- ruimte voor kabels of leidingen;
- constructieve prestaties.
Bij funderingsbuizen en buispalen draagt een grotere diameter vaak bij aan een hogere buigstijfheid en een groter contactoppervlak met de bodem. Het uiteindelijke draagvermogen wordt echter altijd bepaald door meerdere factoren, waaronder de wanddikte, staalsoort, paallengte, bodemgesteldheid, belasting en uitvoeringsmethode.
Diameter en wanddikte horen altijd bij elkaar
Een veelvoorkomende misvatting is dat alleen de diameter bepaalt hoe sterk een buis is. Dat is niet juist.
De constructieve eigenschappen worden bepaald door de combinatie van:
- buitendiameter;
- wanddikte;
- staalsoort;
- productienorm;
- belasting;
- overspanning;
- toepassing.
Een Ø 508 x 6,3 mm constructiebuis heeft bijvoorbeeld andere eigenschappen dan een Ø 508 x 20 mm buis, ondanks dezelfde buitendiameter.
Diameter bij constructiebuizen en funderingsbuizen
De buitendiameter wordt gebruikt bij vrijwel alle typen stalen buizen.
- constructiebuizen;
- funderingsbuizen;
- buispalen;
- heipalen van staal;
- casingbuizen;
- mantelbuizen;
- boorbuizen;
- offshore constructies;
- bruggen;
- steigers;
- damwandconstructies;
- waterbouwkundige werken;
- leidingbruggen;
- industriële staalconstructies.
Veel voorkomende diameters zijn onder meer Ø 168,3 mm, Ø 219,1 mm, Ø 273,0 mm, Ø 323,9 mm, Ø 406,4 mm, Ø 508,0 mm, Ø 610,0 mm, Ø 711,0 mm, Ø 813,0 mm, Ø 914,0 mm, Ø 1.016,0 mm, Ø 1.220,0 mm en Ø 1.420,0 mm.
Deze afmetingen worden veel toegepast binnen de funderingstechniek, infrastructuur, utiliteitsbouw, petrochemie en zware constructiewerken.
Wat is het verschil tussen Ø, DN en NPS?
Naast Ø worden ook de aanduidingen DN en NPS gebruikt. Deze termen lijken op elkaar, maar hebben een andere betekenis.
Ø geeft de nominale buitendiameter van de buis aan, meestal in millimeters.
DN, of Diameter Nominal, is een genormaliseerde maatklasse voor leidingsystemen. DN is een nominale aanduiding en komt niet altijd overeen met de werkelijke binnen- of buitendiameter.
NPS, of Nominal Pipe Size, is de Noord-Amerikaanse inch-aanduiding voor buizen. Hierbij hoort vaak een vaste buitendiameter, terwijl de wanddikte wordt bepaald door een Schedule, zoals Schedule 40 of Schedule 80.
Voor constructieve stalen buizen binnen Europa wordt doorgaans gewerkt met Ø in millimeters en de wanddikte.
Waarom hebben veel buizen decimalen?
Veel standaarddiameters lijken op het eerste gezicht opvallend nauwkeurig. Voorbeelden zijn 168,3 mm, 219,1 mm, 273,0 mm, 323,9 mm, 355,6 mm, 406,4 mm en 508,0 mm.
Deze maten zijn historisch afgeleid van inch-afmetingen die internationaal nog steeds worden toegepast.
| Inchmaat | Metrische buitendiameter |
|---|---|
| 6 inch | 168,3 mm |
| 8 inch | 219,1 mm |
| 10 inch | 273,0 mm |
| 12 inch | 323,9 mm |
| 14 inch | 355,6 mm |
| 16 inch | 406,4 mm |
| 20 inch | 508,0 mm |
Daardoor sluiten Europese en internationale standaarden goed op elkaar aan.
Diameter en normen voor stalen buizen
De afmetingen van stalen buizen zijn vastgelegd in internationale productnormen.
Voor constructieve toepassingen zijn onder meer relevant:
- EN 10219 voor koudgevormde gelaste constructiebuizen;
- EN 10210 voor warmgevormde constructiebuizen.
Afhankelijk van de toepassing kunnen ook andere normen van belang zijn, zoals EN 10217 voor gelaste stalen buizen voor drukdoeleinden en EN 10208 voor stalen buizen voor pijpleidingsystemen.
Deze normen beschrijven onder andere afmetingen, maattoleranties, staalsoorten, mechanische eigenschappen, productiemethoden en keurings- en certificeringseisen.
Diameter en staalsoort
De diameter zegt niets over de kwaliteit van het staal.
Eenzelfde buitendiameter kan leverbaar zijn in verschillende staalsoorten, waaronder S235, S275, S355, S355J0H en S355J2H.
De staalsoort bepaalt onder meer de vloeigrens, treksterkte, kerftaaiheid en geschiktheid voor constructieve toepassingen.
De diameter bepaalt daarentegen vooral de geometrische afmetingen van de buis. Voor een juiste materiaalkeuze moeten daarom diameter, wanddikte, norm en staalkwaliteit altijd gezamenlijk worden beoordeeld.
Diameter en gewicht van een stalen buis
De diameter heeft grote invloed op het gewicht per meter van een stalen buis. Toch is de wanddikte minstens zo belangrijk.
Een relatief grote buis met een dunne wand kan lichter zijn dan een kleinere buis met een zeer dikke wand.
Het theoretische gewicht wordt berekend op basis van:
- buitendiameter;
- wanddikte;
- staaldichtheid.
Daarom vermelden technische productspecificaties en voorraadlijsten vrijwel altijd zowel de diameter als de wanddikte en vaak ook het theoretische gewicht per meter.
Hoe wordt de buitendiameter gemeten?
De buitendiameter wordt gemeten over de buitenzijde van de buis.
Afhankelijk van de diameter gebeurt dit met een schuifmaat, diameterband, meetlint voor grote diameters of geautomatiseerde meetapparatuur tijdens de productie.
Voor genormeerde stalen buizen gelden maattoleranties. De werkelijke buitendiameter mag slechts beperkt afwijken van de nominale diameter zoals vastgelegd in de toepasselijke productnorm.
Veelvoorkomende misverstanden over Ø
Er bestaan enkele misverstanden over het diametersymbool.
- Ø zou de binnendiameter aangeven;
- de diameter zou hetzelfde zijn als de wanddikte;
- een grotere diameter zou automatisch een sterkere buis betekenen.
Bij stalen buizen verwijst Ø in vrijwel alle technische specificaties naar de nominale buitendiameter. De uiteindelijke constructieve eigenschappen worden bepaald door de combinatie van buitendiameter, wanddikte, staalsoort, norm en belasting.
Praktisch voorbeeld van een buisspecificatie
Een productspecificatie zoals stalen buis Ø 610,0 x 12,5 mm S355J2H EN 10219 bestaat uit vier belangrijke onderdelen.
- Ø 610,0 mm: nominale buitendiameter;
- 12,5 mm: wanddikte;
- S355J2H: staalkwaliteit;
- EN 10219: productnorm voor koudgevormde gelaste constructiebuizen.
Met deze gegevens kan een constructeur, inkoper of uitvoerder exact bepalen welke buis nodig is voor een project.
Kernbetekenis van Ø bij buizen
Bij stalen buizen staat Ø voor de nominale buitendiameter. Deze maat vormt samen met de wanddikte, staalsoort en productnorm de technische basis voor het specificeren van constructiebuizen, funderingsbuizen, buispalen, mantelbuizen en andere ronde stalen buizen.
Een correcte interpretatie van de diameter is essentieel voor ontwerp, constructieberekeningen, productie, montage en de keuze van de juiste buis voor iedere toepassing.
Vragen over buismaten of de juiste stalen buis?
Wilt u meer weten over de betekenis van buismaten, diameters, wanddiktes of de juiste specificaties voor uw project? De specialisten van Solines helpen u graag met technisch advies over stalen buizen en funderingstoepassingen.





